België trekt met zes shorttrackers naar de Winterspelen van Milaan, een historische prestatie voor de sport. Ook de estafetteploeg kwalificeerde zich voor het eerst in 24 jaar, wat de kwalificatie nog specialer maakt. Voorzitter van de schaatsbond Corné Lepoeter blikt terug op de kwalificatie.
Hoe belangrijk is het voor België en voor de groep atleten dat maar liefst zes schaatsers zich hebben geplaatst voor de Winterspelen?
“Dat is bijzonder belangrijk. Zeker voor onze twee boegbeelden, Hanne en Stijn Desmet. Voor hen is het essentieel dat zij omringd worden door hun vaste ploeggenoten, zodat ze zich in de best mogelijke omstandigheden kunnen voorbereiden.
“Daarbij speelt onze trainingsbasis in Hongarije een grote rol. We werken er dagelijks samen met het Hongaarse team, dat zich ook met een ruime delegatie heeft geplaatst. In die vertrouwde en competitieve trainingsomgeving kunnen we onder optimale omstandigheden blijven trainen in de aanloop naar de Spelen. Dat is natuurlijk een enorme meerwaarde.”
Het is voor het eerst in 24 jaar dat België zich kwalificeert met een estafetteploeg, hoe voelt dat?
“Dat is een resultaat met bijzonder veel emotie. In 2013 zijn we gestart met een project rond jonge shorttrackers. Dat programma is jaar na jaar gegroeid, verder verfijnd en in 2019 uitgebreid, onder andere met Stijn en Hanne Desmet. We grepen in 2018 en 2022 nipt naast de kwalificatie, maar dit jaar zitten we er wél bij. Voor deze groep die hier al zo lang naartoe werkt is dat een enorme bevrijding, dit is waarvoor een atleet het allemaal doet.”
De chemie binnen de estafetteploeg is bijzonder goed. Ging het daarom dit jaar beter?
“We werken natuurlijk intensief op zowel het individuele als het teamgedeelte, maar het succes zegt vooral veel over de teamsfeer en het hechte geheel dat we hebben opgebouwd. Die samenhang is echt essentieel.
“Daarnaast hebben we de voorbije seizoenen al meerdere podiumplaatsen behaald in de aflossing. Dat toont niet alleen dat we competitief zijn, maar ook dat we structureel meedraaien aan de top. We horen nu duidelijk bij de beste acht aflossingsploegen ter wereld, en dat is bijzonder knap.”
Tineke den Dulk werd op de 1500 meter opgevist voor de halve finale wat extra punten opleverde, speelt geluk dan altijd een rol?
“Geluk is niet weg te denken uit shorttrack. Afgelopen zondag op de 1500 meter duikt Hanne Desmet in een opening en raakt vervolgens een Amerikaanse en een Nederlandse schaatsster en komt ten val. Soms valt zo’n situatie in je voordeel en schuif je automatisch door, maar soms word je er zelf het slachtoffer van.
“In het geval van Tineke viel het dit keer de goede kant op. Door die valpartij, waar ze zelf geen schuld aan had, werd ze opgevist voor de halve finale en pakte ze belangrijke punten. Zulke momenten maken nu eenmaal deel uit van shorttrack, het hoort bij de aard van de sport.”
Hanne en Stijn Desmet behoren al een tijdje tot de wereldtop. Kunnen we nu ook spreken van België als topland in shorttrack?
“In 2024 waren wij het enige land met een Europees kampioen in zowel kunstschaatsen, shorttrack als langebaanschaatsen. We doen het dus breed gezien zeer goed.
Bovendien komen er steeds meer schaatsers op topniveau meedoen. Dat zie je ook terug in het aantal schaatsers dat naar de Winterspelen in Milaan gaat. We mogen zeker zeggen dat België als schaatsland steeds groter en sterker wordt.”




