Vlaanderen en Nederland delen het Nederlands. Toch zijn er zichtbare verschillen in het taalgebruik en onderling begrip, zoals bij zangeressen Pommelien Thijs en Meau. Spreken we van een taalbarrière of is het eerder een cultuurverschil? Dialectoloog Chris De Wulf (UA) licht de taalkundige en culturele factoren achter de verschillen toe.
Waarom groeien het Vlaams en het Nederlands steeds verder uit elkaar, en welke rol speelt cultuur hierin?
Taal ontwikkelt voortdurend. Wij focussen ons in Vlaanderen voornamelijk op onze eigen Vlaamse gemeenschap. We kijken naar onze eigen media. Als er nieuwe woorden opduiken, dan krijgt de wereld dat niet mee en omgekeerd. Het is een natuurlijke taalontwikkeling, maar gericht op onze eigen gemeenschap. En dat zorgt er voor dat die twee talen toch een beetje uit elkaar groeien.
Als we dezelfde culturele gemeenschap moesten delen, zouden er niet zozeer ‘scheve’ woorden ontstaan. Doordat we weinig van elkaar meekrijgen, blijven we onbewust weg van de taalveranderingen in elkaars gemeenschap.
Dat was vroeger toch iets anders, zeker als je naar het televisielandschap kijkt. Vooral voor de komst van VTM in 1989. Vlaanderen had geen eigen commerciële televisiezender. Vlamingen keken voor entertainment televisie naar Nederlandse zenders. Zo kreeg Vlaanderen toegang tot commerciële televisie. Maar dat is allemaal weggevallen sinds de komst van VTM.
Kunnen we tussen Nederland en Vlaanderen spreken over een taalbarrière of is het eerder een cultuur verschil?
Het is een combinatie van beide. Een belangrijke nuance is dat een taalbarrière ontstaat wanneer wij tussentaal gebruiken. Wanneer Vlamingen Standaardnederlands spreken, zoals op televisie, verstaan onze noorderburen ons perfect. Dat is dan geen probleem. Het probleem ontstaat wanneer we zelf niet die standaardtaal spreken, maar overstappen op tussentaal. Dan doet zich een taalbarrière voor.
Maar waarom hanteren we vaak die tussentaal? En waarom houden we niet per se rekening met onze gesprekspartner? Dat heeft te maken met culturele verschillen. Onze verschillende medialandschappen spelen hierin een rol. Wij hebben onze eigen televisie, eigen publicatie, eigen tijdschriften, … . Hierdoor horen we vooral ons eigen Nederlands, waarin tussentaal vaak gebruikt wordt. Maar we weten allebei niet wat er gaande is in onze medialandschappen. Wij richten ons op Vlaanderen en Nederlanders op Nederland. Daardoor voelen we minder de noodzaak om in elke situatie standaardtaal te spreken. En als we zeggen wat goed voelt, merken we dat we elkaar niet verstaan.
Heeft de geschiedenis van Vlaanderen en Nederland invloed gehad op de ontwikkeling van taal en cultuur?
Wij delen een lange geschiedenis. Als we naar de middeleeuwen en de vroegmoderne tijd kijken, concluderen we dat communicatie lastig was. Dit kwam doordat er verschillende dialecten werden gesproken binnen hetzelfde taalgebied. Met de opkomst van de standaardtaal, dankzij publicaties en de boekdrukkunst, ontstond een verstaanbaar Nederlands dat in het hele taalgebied toegankelijk werd.
Tegelijkertijd kenden we heel lang een gescheiden politiek. Dat begon met de scheiding Der Nederlanden na de val van Antwerpen. Sinds de 14e eeuw richtten Nederland en Vlaanderen zich steeds meer tot hun eigen economische, culturele en politieke centra. Hierdoor is het contact geleidelijk verwaterd. Het is moeilijk te ontkennen dat de politieke situatie en de rijksgrens tussen België en Nederland ervoor gezorgd hebben dat we min of meer in onze eigen wereld zijn gaan leven.
Wat is dan een voorbeeld van een misverstand dat eerder cultureel dan puur taalkundig is?
Het woord ‘geestig’ weerspiegelt een cultuur en sociaal verschil tussen Vlaanderen en Nederland. In Vlaanderen gebruiken wij het woord ‘geestig’ als synoniem voor ‘leuk’, wat eigenlijk een dialect is. In Nederland bestaat dat woord ook, maar heeft het een heel andere connotatie. Het betekent ook ‘leuk’ maar heeft een ouderwetsere betekenis. Geestig is volgens hen iets meer voor de ‘upperclass’.
Vanuit onze taalgemeenschap kijken we heel anders naar dit woord dan mensen in Nederland. Je hebt hier dus een cultureel verschil dat zich vertaalt in sociale verschillen.




