België is hét bierland bij uitstek, in die mate zelfs dat onze biercultuur UNESCO werelderfgoed is. Er zijn in België zo’n 1600 biermerken die gebrouwen worden in meer dan 400 brouwerijen. Van die brouwerijen mogen er een kleine honderd zich een microbrouwerij noemen. Zij hebben een maximale productie van 5000 hectoliter op een jaar, dat komt overeen met één vijfde van een olympisch zwembad. De focus ligt dus op een kwalitatief streekproduct te brouwen. Ondanks dat ze vaak gestart zijn als hobby zijn veel microbrouwerijen gegroeid tot een vaste waarde in het bierlandschap.
Kleine ketels, grote impact: binnen in de wereld van microbrouwerijen
Lang voor speciaalbier een hype werd, zorgden microbrouwerijen al voor een stille revolutie in de bierwereld. In Engeland bliezen kleine, onafhankelijke brouwers in de late jaren zeventig klassieke bieren zoals cask ale, een ongefilterd, ongepasteuriseerd vatbier, nieuw leven in. Zo groeide de microbrouwerij uit van een kleinschalige brouwerij tot het symbool van vakmanschap, smaak en vernieuwing.

In België tellen we vandaag iets minder dan 400 brouwerijen, waarvan de helft microbrouwerijen zijn. Rond de eeuwwisseling waren dat er slechts iets meer dan honderd. Die stijging hebben we te danken aan de opmars van tientallen micro-brouwerijen. Al daalde dat aantal ook al in de voorbije jaren omdat veel nieuwe brouwerijen hun hoofd niet boven water konden houden.
Belgische geschiedenis
Begin jaren tachtig zag de Belgische biermarkt er heel anders uit. Door een sterke golf van overnames en schaalvergroting verdwenen veel kleinere, lokale brouwerijen of werden ze opgenomen in grotere groepen. Daardoor kromp de diversiteit in het aanbod en werd de markt gedomineerd door een beperkter aantal grote spelers zoals bijvoorbeeld Alken-Maes en Palm Breweries.
Vanaf de jaren tachtig kwam daar geleidelijk verandering in met de opkomst van kleine en later microbrouwerijen. Die brachten opnieuw variatie in het bierlandschap door te experimenteren met verschillende bierstijlen en het herontdekken van traditionele brouwmethodes. Zo groeide het aantal brouwerijen in enkele decennia sterk, wat de Belgische biercultuur opnieuw meer divers en internationaal zichtbaar maakte.
Wat is een microbrouwerij?
Maar wat verstaan we precies onder een microbrouwerij? Een eenduidige definitie bestaat niet, omdat de term van land tot land verschilt. In het algemeen gaat het om brouwerijen die op kleine schaal produceren, met een beperkte jaarcapaciteit en een sterke nadruk op ambacht, kwaliteit en eigenheid. In Engeland wordt vaak gesproken van een microbrouwerij wanneer de productie onder ongeveer 5.000 hectoliter per jaar blijft, dat zijn twee miljoen flesjes bier van 25cl. Zulke brouwerijen staan bekend om traditionele, ongefilterde en niet-gepasteuriseerde bieren zoals cask ale.
Ook in andere landen ligt de nadruk minder op een exact volume dan op de manier van werken. Microbrouwerijen onderscheiden zich doorgaans door kleinschalige productie, experimentele recepten en een nauwe band met de lokale markt. Vaak verkopen ze hun bier rechtstreeks via een taproom, brouwerijcafé of winkel, naast een beperkte distributie naar horeca en speciaalzaken. In België zijn het vooral deze kleinere brouwerijen geweest die de voorbije decennia zorgden voor meer diversiteit, innovatie en hernieuwde belangstelling voor biercultuur.
Dalende cijfers

Na jaren van sterke groei lijkt het aantal Belgische brouwerijen een keerpunt te hebben bereikt. Het aantal steeg van ongeveer 150 in 2000 naar meer dan 420 rond 2022, maar sindsdien is de groei stilgevallen. Tegelijk daalde de bierconsumptie per Belg van ongeveer 74 liter in 2010 naar minder dan 60 liter vandaag (−20%), onder meer door veranderend drinkgedrag en meer aandacht voor gezondheid. Ook de export, goed voor zo’n 70% van de productie, staat onder druk door toenemende internationale concurrentie.
Daarnaast hebben brouwers te maken met sterk stijgende kosten: energieprijzen lagen in 2022–2023 tot 2 à 3 keer hoger dan voordien, terwijl grondstoffen duurder werden en de inflatie piekte boven 10%. De coronapandemie zorgde bovendien tijdelijk voor een daling van de bierverkoop met 15–20%. Deze combinatie van factoren wijst op een verzadigde markt, waardoor vooral kleinere brouwerijen het moeilijk hebben om rendabel te blijven en het totale aantal spelers begint te stabiliseren of licht te dalen.
De toekomst
De toekomstvisie van microbrouwerijen ligt vooral in innovatie en differentiatie. In België zijn er intussen 230 micro- en kleine brouwerijen actief. Ze spelen in op veranderende consumptiepatronen door te experimenteren met nieuwe smaken, alcoholarme varianten en lokale producten. Hun flexibiliteit maakt het mogelijk om snel in te spelen op trends zoals de vraag naar meer smaakvolle en minder alcoholische bieren. Daardoor blijven ze belangrijke vernieuwers binnen een steeds competitievere biermarkt.
Ook grote brouwerijen spelen in op deze evoluties door steeds minder te focussen op volume en steeds meer op waarde. Zo maakt alcoholvrij bier intussen ongeveer 5% van het totale biervolume in België uit, en die trend blijft groeien. Tegelijk investeren grote spelers zoals AB InBev en Duvel Moortgat sterk in premium- en speciaalbieren om in te spelen op de toenemende vraag naar kwaliteit en beleving. Innovatie en duurzaamheid krijgen daarbij een centrale plaats in hun strategie. Zo beweegt de biersector zich richting een evenwicht tussen industriële schaal en ambachtelijke creativiteit.
Het verhaal van brouwerij Vagebond
René Schoofs en Hilde Hermans begonnen in 2005 met bierbrouwen op kleine schaal. In 2011 kregen ze een aanvraag van het gevangenismuseum om een bier te brouwen dat een link heeft met de landlopersgeschiedenis in Merksplas. Dit bleek het zetje te zijn om Vagebond op te bouwen tot de brouwerij die het nu is. René en Hilde vertellen het verhaal van hun brouwerij.
Podcast Nieuwsbierig
Dylan Verduyn is biersommelier en begeeft zich al sinds 2013 in de wereld van bier en brouwerijen. Samen met microbrouwer Wim Tindemans van brouwerij Stanium (Beveren) schoof hij aan in de Nieuwsbierig podcast. De gasten bespreken onder meer de biertrends van dit moment.
Die biertrends verschillen per generatie, zegt Dylan. Waar veertigers en vijftigers snel kiezen voor een tripel, gaat de jongere generatie eerder voor een IPA, al loopt de IPA-rage wel langzaamaan op zijn einde.
Dylan ziet tegenwoordig steeds meer ‘pastry bier’. Dat is bier met ingrediënten die je eerder in gebak zou verwachten, zoals vanille of chocola. Verder vermoedt Dylan dat English Bitters steeds populairder zullen worden. Deze komen nu nog weinig voor in België, maar het zijn kwaliteitsvolle bieren met een laag alcoholpercentage. Die twee elementen passen goed in de hedendaagse focus op kwaliteit en gezondheid.
Ook vatgelagerde bieren zijn in opmars. Dat zijn bieren die rijpen op vaten van sterke drank. Die opmars is terug te zien in de prijzen van die vaten, vertelt Wim. De afgelopen jaren is de prijs gestegen van zo’n 250 euro per vat naar 500 euro.

Volgens Dylan is er steeds meer interesse in speciaalbier en steeds minder vraag naar pils. Het is in deze context belangrijk om te specifiëren wat ‘pils’ en ‘speciaalbier’ precies zijn. Hij merkt op dat met ‘speciaal’ vaak ‘kwaliteitsvol’ wordt bedoeld. Volgens die redenering zou bijvoorbeeld een Duitse pils van uitzonderlijke kwaliteit ook als speciaalbier gelden. In België bestaat er minder van dat kwalitatief hoogstaande pils, hier betekent ‘gewoon pils’ vooral industrieel pils.
Er is inderdaad steeds meer interesse in kwaliteitsvol bier en dat biedt ruimte voor microbrouwers, vertelt Wim. Het is makkelijker voor kleine brouwerijen om snel in te spelen op trends, omdat ze in kleine batches kunnen experimenteren en verfijnen. Dit in tegenstelling tot de rest van de bierindustrie die in veel grotere hoeveelheden moet produceren.
Een andere opvallende verschuiving is de toenemende aandacht voor de invloed van alcohol op gezondheid. Volgens Wim is er de afgelopen jaren veel campagne gevoerd tegen alcohol. Er is daardoor steeds meer goed alcoholvrij en -arm bier op de markt. Dat is positief, maar de focus op gezondheid moet ook niet doorslaan, zegt Wim. Hop, een belangrijk bieringrediënt, heeft bijvoorbeeld allerlei gezondheidsvoordelen. Zo wijzen onderzoeken uit dat hop onder anderen stressverlagend werkt, goed is voor de huid en kan helpen tegen slapeloosheid. Dylan vult aan dat natuurlijk bier, waar weinig of geen chemicaliën inzitten, gezonder is dan de gemiddelde frisdrank.
Toch gelooft Dylan niet dat de nadruk op gezondheid zover gaat doorzetten dat er na verloop van tijd helemaal geen bier met alcohol meer wordt gedronken. Daarvoor is bier een te groot onderdeel van de Belgische cultuur, zegt Dylan. “Ik kan me geen wereld voorstellen waarin de Belgen gaan zeggen: ‘Bier? Dat gaan we niet meer doen.’”
Bierbrouwen in eigen huis: een precisiewerk met veel valkuilen
Bierbrouwen lijkt op het eerste gezicht eenvoudig. Dankzij kleine brouwpakketten kan iedereen thuis aan de slag. In de praktijk komt er veel meer bij kijken dan enkel wat ingrediënten mengen. Wat opvalt is dat bierbrouwen vooral een kwestie is van nauwkeurig en hygiënisch werken. De redactie onderzocht hoe makkelijk of moeilijk het is om zelf bier te brouwen.

Temperatuur
Tijdens ons brouwproces viel vooral op hoe belangrijk temperatuurcontrole is. Bij het verwarmen van het water en de mout moesten bepaalde temperaturen exact gehaald worden, het brouwsel mocht nooit warmer dan 80 graden worden omdat je dan de mout kapot kookt. Een verschil van enkele graden kan dus al invloed hebben op het eindresultaat. Daardoor waren we voortdurend bezig met meten en bijsturen. Bierbouwen voelt soms meer aan als een wetenschappelijk experiment dan als gewoon koken.
Hygiëne
Hygiëne is enorm belangrijk. Zodra de gist wordt toegevoegd, kan elke bacterie of vervuiling de smaak van het bier beïnvloeden en zelfs een besmetting veroorzaken. Daarom moesten alle materialen voortdurend ontsmet worden, alles moest absoluut proper zijn. Dat maakte het proces veel nauwkeuriger dan we vooraf hadden verwacht.
Na het koken en toevoegen van de hop begint de vergisting, waarbij het bier enkele weken moet rusten. Hier blijft temperatuur belangrijk, omdat de gist anders ongewenste smaken kan produceren. Het brouwen zelf vraagt veel geduld.
Toen ons bier klaar was, merkten we dat kleine foutjes snel zichtbaar worden in smaak of schuimvorming. Zelf bierbrouwen vraagt tijd en aandacht, maar het zorgt ook voor veel meer respect voor het vakmanschap achter een gewoon glas bier.
Jever Fun: Een alternatief bier voor diabetici, maar niet zonder risico
Voor mensen met diabetes lijkt een pintje vaak geen evidente keuze. De alcohol doet de bloedsuikerspiegel eerst stijgen en vervolgens dubbel zo snel dalen, wat kan leiden tot bewusteloosheid. Met een lager koolhydraatgehalte, lijkt Jever Fun een goed alternatief. Toch blijft het diëtistenteam van UZ Leuven sceptisch over het bier.

De zoektocht naar zo’n bier kwam er niet toevallig: binnen onze redactie leeft type 1-diabetes, en dus gingen we op zoek naar een optie die minder impact heeft op de bloedsuikerspiegel, zonder afscheid te moeten nemen van de typische biersmaak.
Jever Fun, een Duits alcoholarm pilsbier, staat bekend om zijn frisse en licht bittere smaak, vergelijkbaar met een klassieke pils maar dan zonder de zware alcoholtoets. Het bier telt 2,5 gram koolhydraten, waarvan minder dan 0,5 gram suiker per 100 milliliter. Net door zijn lage koolhydraatgehalte lijkt het een logische keuze voor diabetici.
Toch nuanceert het diëtistenteam van UZ Leuven dat beeld. Diëtiste Charlotte Dekempeneer benadrukt dat voorzichtigheid noodzakelijk blijft: “Hoewel het koolhydraatgehalte laag is en daardoor doorgaans minder invloed heeft op de glycemie of bloedsuikergehalte dan klassieke bieren, zal het toch wel een effect hebben.”
Met andere woorden: ook een alcoholarm bier kan nog steeds een invloed hebben op de bloedsuikerspiegel. Dat effect verschilt bovendien van persoon tot persoon. “De bloedsuikerspiegel kan nog steeds reageren op de ingenomen koolhydraten, afhankelijk van individuele factoren zoals onder andere het maaltijdmoment en lichamelijke activiteit,” klinkt het.
Daarnaast wijst ze op een vaak onderschat aspect: alcohol zelf. “De rol van alcohol mag niet onderschat worden, aangezien zelfs kleine hoeveelheden de glucosehuishouding kunnen beïnvloeden,” zegt Dekempeneer. In sommige gevallen kan dat zelfs uren later leiden tot een hypoglycemie of lage bloedsuikergehalte, wat kan zorgen voor bewusteloosheid.
“Jever Fun kan voor diabetici een alternatief zijn op klassiek bier, maar alcoholarm betekent niet dat het zonder risico is,” besluit Dekempeneer. Wie diabetes heeft en toch wil genieten van een biertje, doet dit dus best bewust en met mate, rekening houdend met voeding, timing en persoonlijke gevoeligheid.
’T Hofbrouwerijke: “Gestart met een zotte kop”
In 2003 startte Jef Goetelen zijn eigen microbrouwerij ‘t Hofbrouwerijke in Beerzel. Dat deed hij in het huis dat hij jarenlang verhuurde. Met een achtergrond in biochemie en een passie voor gisting, besloot Jef een cursus bierbrouwen te volgen, daar kreeg zijn verhaal echt vorm. “Ik ben gestart met een zotte kop,” zegt Jef zelf. Ruim tien jaar later besliste hij om zijn installaties uit te breiden met een grote kelder.

De inspiratie voor zijn bieren haalt hij uit de wereld van het fantasie rollenspel, Dungeons & Dragons. Dat zie je onder meer aan zijn eigen bierglas, waarop ‘Dungeon Master’ prijkt. Ook zijn eerste bier, De Bosprotter, dankt zijn naam aan die fantasiewereld. “De Bosprotter is nog steeds mijn bestverkochte bier, waarschijnlijk mede dankzij de naam,” verklaart de brouwer.
Intussen brouwt Jef zestien eigen bieren, naast de bieren die hij in opdracht voor anderen produceert. Daar wil hij het bewust bij houden. “Ik wil niet dat het groter wordt dan dit, want dan kan ik het niet meer alleen,” zegt hij.
Het gebruik van gist blijft niet alleen bij bier. Jef gebruikt het ook om zijn eigen pizzadeeg te maken. “Ik kan echt spreken van een uit de hand gelopen hobby”, lacht Jef. Vanaf mei organiseert hij om de twee weken een pizza-avond, met uiteraard zijn eigen pizza’s en bier.
Remi, Desideer en Germain: de grootvaders achter Brouwerij De Bock
Brouwerij De Bock uit Beveren is meer dan zomaar een lokale brouwerij. Achter elk bier schuilt een persoonlijk familieverhaal, want de bieren zijn telkens genoemd naar de grootvaders van de oprichters.

Het verhaal van brouwerij De Bock begon zo’n tien jaar geleden bij Pieter De Bock. Na jaren ervaring in grotere brouwerijen besloot hij zijn eigen bier te brouwen. Dat eerste bier droeg meteen de naam van zijn grootvader: Remi. Na tientallen proefbrouwsels stond het recept eindelijk op punt.
In 2021 kreeg de brouwerij extra versterking, toen goede vriend Jordi mee in het verhaal stapte. Samen ontwikkelden ze een tweede bier, opnieuw als eerbetoon aan een grootvader: Desideer. Omdat die vroeger graag bruine bieren dronk, werd er gekozen voor een donkerbruin bier.
Later sloot ook Alain zich aan bij het team. Met zijn kennis van mout en brouwen hielp hij mee aan de verdere groei van de brouwerij. Daarna volgde een derde bier: Germain, opnieuw genoemd naar een grootvader.
Brouwerij De Bock kiest bewust voor traditionele bieren: een goede blonde, een karaktervolle donkere en af en toe een speciale variant. Geen trends of extreme smaken, maar kwaliteitsbier met een sterk verhaal. Zo brengt Brouwerij De Bock niet alleen bier op tafel, maar ook de herinnering aan de generaties die hen voorgingen.
Wim Tindemans: “Je moet creatief en inventief zijn, alleen zo kun je als microbrouwerij blijven bestaan”

Wat begint als een passie, groeit soms uit tot een ambacht. Dat is precies het verhaal van Stanium, een lokale microbrouwerij uit Beveren-Waas die in 2016 het levenslicht zag. Achter de ketels staat microbrouwer Wim Tindemans, die zich toelegt op het ontwikkelen van zijn eigen bieren. Intussen telt het aanbod zo’n twaalf creaties, elk met een eigen karakter en smaakprofiel.
Die kleinschaligheid is meteen ook de grootste troef van Stanium. “Waar grote brouwerijen werken met massaproductie, blijft hier alles bewust beperkt en ambachtelijk.” Binnen de microbrouwerij wordt er slechts één keer om de veertien dagen gebrouwen, goed voor 300 tot 600 liter. Dat laat ruimte voor experiment en precisie. “Je moet het proces volledig beheersen,” zegt Tindemans. “En net dat maakt het verschil.”
Toch is het niet altijd evident om als kleine speler overeind te blijven. De concurrentie neemt toe en ook externe factoren, zoals stijgende energieprijzen en druk op de biermarkt, spelen een rol. “Je moet creatief en inventief blijven,” klinkt het nuchter. “Alleen zo kan je blijven bestaan.”

Binnen het eigen aanbod springt onder meer de Beverse Tripel eruit, veruit het populairste bier van de brouwerij. “Het is een droge, kruidige tripel met een uitgesproken bitterheid, bewust anders dan de klassieke varianten.” Maar achter sommige bieren schuilt ook een persoonlijk verhaal. Zo is de Aemilius een eerbetoon aan zijn eigen vader. De naam verwijst naar diens tweede voornaam, en ook in de smaak zit een herinnering verwerkt. “Mijn vader dronk graag Elixir d’Anvers,” vertelt Tindemans, “dus we hebben geprobeerd die kruidige en fruitige toetsen in het bier te laten terugkomen.”
Met een blik op de toekomst wil Stanium zich verder verdiepen in speciale bieren en foodpairing, onder meer in samenwerking met restaurants. Daarnaast maakt Tindemans ook bieren op maat van klanten, waarbij hij probeert hun verhaal in een uniek recept te vertalen.
Wat er ook verandert, de kern blijft dezelfde: bier brouwen met aandacht, tijd en een duidelijke identiteit.
Foxtown beercrew “De start van onze brouwerij was niet gemakkelijk, maar het is gegroeid tot iets waar we echt trots op zijn.”

Foxtown beercrew uit Vosselaar is vlak voor de coronaperiode ontstaan. De vriendengroep van vijf wilde hun eerste bier voorstellen op een lokaal evenement maar de pandemie strooide roet in het eten. ““De start van onze brouwerij was niet gemakkelijk, maar we hebben het is gegroeid tot iets waar we echt trots op zijn.” zegt Berry van Rijsewijk van Foxtown beercrew. Ze hebben ondertussen twaalf verschillende bieren in productie en over de jaren heen hebben ze meer dan 80 verschillende bieren gebrouwen.
De brouwerij bestaat uit een groep van vijf vrienden die een biercursus hebben gevolgd en dan samen een bier wilden brouwen. “Het bier viel zo goed in de smaak dat het een echt ding is geworden.” zegt Berry van Rijsewijk. De bieren hebben ook sterke affiniteit met Vosselaar. Zo is bijvoorbeeld hun bier de White Swan Theory een bier gemaakt op aanvraag van de voetbalploeg De Zwaantjes. Ondertussen is het brouwsel een vaste waarde geworden in de kantine van de voetbalploeg.
Foxtown beercrew is een contractbrouwerij gebaseerd in Vosselaar. Dit houdt in dat de recepten worden gemaakt door de brouwers zelf maar dat het bier wordt gebrouwen bij een andere brouwerij. Ze laten veel bieren rijpen op vaten van onder andere whiskey en port. Zo proberen ze zich te onderscheiden van andere brouwerijen.
Steven Goedhart: “Brouwen is mijn speeltuin”
Steven Goedhart baat sinds 2023 voltijds brewpub De Gistgeest uit in Borgerhout. Zijn passie voor het brouwen ontstond toen hij in 2011 een boek kreeg over homebrewing. Sindsdien is Steven niet meer gestopt met brouwen.

De gistgeest is een buurtbrouwerij in het hart van Borgerhout. Uitbater Steven Goedhart omschrijft zijn zaak als: “een brouwerij zoals vroeger elke wijk er eentje had”. Wie de gistgeest binnenwandelt merkt meteen iets speciaal op: brouwerij en café zijn één geheel. Het idee voor zo’n brewpub kreeg Steven van het boek “The Complete Joy of Homebrewing”, een boek dat hij in 2011 van een van zijn vrienden kreeg.
De meeste van zijn bieren verkoopt hij in blik, maar daar heeft hij veel weerstand door ondervonden. In de jaren voor Covid-19 is Steven zelfs even overgeschakeld op glazen flesjes. “Er waren enkele drankenhandels die mijn bier niet wouden verkopen omdat het in blik zat. Mensen geloven dat aluminium blikjes de smaak van je bier aantasten, maar dat zou ik wel eens willen testen.” Intussen is het stigma deels verdwenen en worden de meeste bieren van de gistgeest weer verkocht in blik.
Steven hecht enorm veel belang aan de relatie met de klant: “De Engelse term voor horeca is hospitality, klantvriendelijkheid is voor mij cruciaal.” Het model van de brewpub staat hem toe om een nauwe band met zijn cliënteel op te bouwen. “Ik hou van een directe band met de klanten, ook een directe feedback op mijn recepten apprecieer ik enorm.”
De gistgeest blijft bewust klein: “Je kan veel bierbrouwen, een verkoper inhuren en zo proberen te groeien. Maar dat is voor mij een economisch model dat voorbijgestreefd is” zegt Steven. Volgens hem moet je meer plaats laten voor andere kleinschalige brouwerijen. Zo kunnen meer kleinschalige brouwerijen hun ding blijven doen.
Cabardouche: “Onze vaste bieren zijn voor de liefhebbers, niet voor de geeks”
Na een bierbrouwerscursus besloten vijf vrienden in 2012 Brouwerij Cabardouche op te starten. Wat begon als een kleinschalig project, is inmiddels uitgegroeid tot een goedlopende brouwerij met een eigen taproom in Borgerhout. Frederik Picard sloot zich in 2018 aan bij Cabardouche en is verantwoordelijk voor het zakelijke gedeelte: “In de taproom krijgen we rechtstreeks commentaar van onze klanten, directer marktonderzoek bestaat er niet.”

De naam Cabardouche is de Antwerpse verbastering van het Franse cabaret douze (de twaalfde kamer), een eufemisme uit de Napoleontische tijd voor een bordeel. Met een knipoog naar dat begrip werkt Cabardouche met de slogan ‘lekkers achter glas’. En ook de bieren blijven met namen als Blonde Stoot of Stout Mokke in thema. Volgens Picard steekt Cabardouche veel tijd en aandacht in dit imago. “Onze speelse en sensuele uitstraling draagt bij aan de totaalervaring van de klant. Zo proberen wij naast het bierbrouwen ook commercieel te denken. ”
Omdat het voor kleine brouwerijen al moeilijk is om één bier op de kaart van een café of restaurant te krijgen, kiest Cabardouche er bewust voor om zich te concentreren op een beperkt aantal commercieel interessante bieren. Hun basisgamma bestaat uit vijf uiteenlopende bieren zodat er voor verschillende bierdrinkers iets bij zit. “Veel microbrouwers richten zich op de echte beergeeks, wij proberen een tandje minder niche te zijn.” Vertelt Picard “Onze vaste bieren zijn bedoeld voor de liefhebber, niet direct voor de geek.”
De vijf vaste bieren worden in grotere volumes extern gebrouwen om aan de vraag van cafés, restaurants en winkels te kunnen voldoen. De brouwinstallatie bij de taproom fungeert als proeflabo waar nieuwe recepten worden getest en verfijnd. Hier komen jaarlijks zo’n dertig brouwsels uit voort die dan tijdelijk te proeven zijn in de taproom. “Enkel wanneer een brouwsel écht breed aanslaat, maakt het kans om door te groeien naar het vaste aanbod.”
“Van hobby tot microbrouwerij”: De Meulekes
“Bier is in België meer dan een drankje: het is een passie. Voor velen blijft het bij proeven, maar wij wilden een stap verder gaan. Wat als je zelf bier begint te brouwen? Dat was precies de vraag die aan de basis lag van ons familieproject.”
In 2014 richtten Bart en Hedwig Meulepas ‘Hobbybrouwerij de Meulekes’ op, gedreven door hun gedeelde liefde voor bier en experiment. Bart, die als brouwmeester werkt bij een Belgische brouwerij, ontwikkelde zijn passie tijdens zijn studies biochemie in Leuven. Daar ontdekte hij niet alleen het rijke bieraanbod, maar werd hij vooral geïnspireerd tijdens zijn thesis bij Biercentrum Delvaux. Samen met zijn vader Hedwig begon hij te experimenteren met smaken, ingrediënten en technieken. “Niet elk brouwsel was een succes, maar dat hoort bij het proces: ontdekken, bijsturen en vooral blijven proberen.”

De positieve reacties uit hun omgeving zorgden voor een keerpunt. Steeds meer mensen wilden hun bier proeven en zelfs kopen. Ook groeide de vraag naar unieke bieren voor evenementen en verenigingen. Dit leidde uiteindelijk tot de oprichting van ‘Brouwerij de Meulekes’, een microbrouwerij in Lier.
Vandaag bestaat hun assortiment uit twee vaste bieren: de Meulekes Tripel en Nen Donkere, die lokaal verkrijgbaar zijn. Daarnaast blijven ze bieren op maat ontwikkelen voor evenementen of bedrijven.
Brouwerij D’Oude Caert “Brouwen en distilleren: dat is zoals broer en zus”
Ook het brouw-avontuur van Dennis Vinken (43) uit Brasschaat begon met een hobbycursus bier maken die hij op vraag van een vriend ging meevolgen. De allereerste batch brouwde het duo in hun tuinhuis, met de nodige beginnersfouten. “Van die eerste 30 liter zijn er 24 liter verloren gegaan, omdat ik het kraantje was vergeten dicht te draaien” lacht hij. “Maar de overige 6 liter was puur goud!” Het was meteen ook het recept voor D’Oude Caert, genoemd naar de wijk waar hij woont. Een fluweelzachte tripel met 8% alcoholpercentage en na 30 jaar weer het eerste bier dat in Brasschaat gebrouwen werd.

Nu, 10 jaar later, is het tuinhuis al lang veel te klein. “Dagelijks kwamen er meermaals mensen aan de deur bellen om een 4pack bier te kopen. We konden de vraag niet bijhouden. Het bier wordt daarom nu bij een grotere, professionele installatie in Lubbeek gebrouwen.”
Dennis begon zich ook meer toe te leggen op distilleren: “Brouwen en distilleren lijken op elkaar, dat is zoals broer en zus. Beide processen starten hetzelfde: suikers (graan, fruit, …) worden vergist tot alcohol. Bij brouwen stop je daar, waardoor je een lichte drank krijgt zoals bier. Bij distilleren ga je verder door de alcohol te verhitten en te concentreren, waardoor de drank veel sterker wordt.”
Limoncello, gin, rum, amaretto: stuk voor stuk natuurproducten die Vinken met de grootste zorg distilleert in een gloednieuwe, kleinschalige stokerij. “Ik wil alleen het beste van het beste. Onze amaretto wordt gemaakt van 100% amandelen, dat is ongeëvenaard. De Italianen zien ons niet graag komen.”
De spirits vind je dan ook niet in de gewone supermarkt maar ze staan wel op de kaart van heel wat sterrenrestaurants zoals Fine Fleur*, ’t Fornuis* of Hof Van Cleve***. Ook profvoetballer Toby Alderweireld was meteen verkocht toen hij ze proefde en in plaats van enkel als ambassadeur op te treden sprong hij mee op de kar om het merk mee op te bouwen. Van distillatie tot marketing: elk detail werd met dezelfde precisie ontwikkeld als de spirits zelf. De fles is daar het mooiste voorbeeld van: “We wilden van onze fles echt iets bijzonders maken, iets iconisch. Ze is geïnspireerd op het treinstation van Antwerpen: toch wel het mooiste station ter wereld. Een monumentale fles voor een monumentale drank. ” glundert Vinken.
Bierrecensies

Blondelle
De redactie gaf Blondelle van ‘t Hofbrouwerijke een 7 op 10. Iedereen kon dit blond bier wel smaken. Nieuwsbierig naar de 15 andere bieren uit de collectie van de brouwerij, dronk iedereen zijn glas vlotjes leeg.

Tripel De Meulekes
De redactie gaf de Meulekes tripel van brouwerij De Meulekes een 6,85/10. Deze tripel is één van de twee vaste bieren van de brouwerij, en overtuigde de meerderheid van onze redactie. Net zoals de brouwers hun hobby vertaalden naar hun eigen bier, hopen sommige drinkers op de redactie dat misschien ook wel.

Innerfox Tripel
De redactie gaf de Innerfox Tripel van Foxtown Beercrew een 6,75/10. Sommige van ons zouden alle 80 bieren die ze ooit gebrouwen hebben wel eens willen proeven.
Oude Caert

Onze redactie gaf D’oude Caert van Brouwerij D’oude Caert een 6,6/10. Deze fluweelzachte tripel ging bij een aantal leden allesbehalve zacht naar binnen. Na 30 jaar droogte zorgde dit brouwsel weer voor een nieuw bier in Brasschaat.

Cuvée Aemilius
De redactie gaf Aemilius van brouwerij Stanium een 6,5/10. De meerderheid werd overtuigd door de kruidige en fruitige toetsen van dit bier. Met brouwer Wim Tindemans die ook zetelde in onze podcast, zijn wij alvast grote fan.

Bloed, Zweet & Tonka
De redactie gaf Bloed Zweet & Tonka van De Gistgeest een 6,2/10. Waar sommige van ons meteen smachtten naar een zomers terras na het drinken van dit bier, bleven anderen steken bij een vroege lente in hun gedachten.

Blonde Stoot
De redactie gaf Blonde Stoot van Cabardouche een gemiddelde van 5,75/10. De speelse en sensuele uitstraling van de brouwerij overtuigde een deel van de redactie. Andere leden hun smaakpapillen ervaarden het minder sensueel. Een bier dat geschikt is voor de liefhebber, niet voor de ‘geeks’.

Desideer “whisky barrel aged”
De redactie gaf Desideer van brouwerij De Bock een 5,5 op 10. Een eigenaardig bier dat voor heel wat discussie zorgde. Scores die ver uit elkaar lagen, en zelfs externe opinies werden geraadpleegd. Maar de grote ‘whiskey barrel aged’ fles werd toch vlot leeggedronken door een aantal leden.

Jever Fun
De redactie gaf het voor diabetici geschikte bier, Jever Fun, een 3,45/10. De frisse en licht bittere smaak die het bier zou moeten beschrijven, werd door onze redactie niet echt gesmaakt. Het Duitse alcoholarm pilsbier liet een speciale nasmaak achter op onze leden.
Socials
Redactie











