De Aziatische hoornaar heeft zich de afgelopen 21 jaar explosief verspreid in Vlaanderen: elk nest verdelgt tot 6 kilogram honingbijen per jaar. Volgens bijenimker Jan Van Reet is de impact op de biodiversiteit enorm en vormt de soort een blijvende bedreiging voor bijenkolonies en andere insecten.
Hoe vormt de opkomst van de Aziatische hoornaar een bedreiging voor bijen?
Van Reet: Het vormt een heel grote bedreiging. Op jaarbasis hebben ze elf kilogram aan insecten nodig om te kunnen overleven. 60 tot 70 procent van die elf kilogram bestaat uit honingbijen. Dit wil zeggen dat er ongeveer 6 kilogram honingbijen per nest verdelgd wordt. Ter vergelijking: een bijenkolonie weegt gemiddeld 5 à 6 kilogram. De hoornaars veroorzaken dus een enorme overlast voor de bijen.
Het afgelopen jaar was nog erger dan de voorgaande jaren
Jan Van Reet
Hoe schat u de verspreidingssnelheid in van de hoornaar in België?
Van Reet: Dat is zeer moeilijk in te schatten. Heel Vlaanderen zit momenteel vol met deze Aziatische hoornaars. We zullen ze nooit meer wegkrijgen. Het afgelopen jaar was bovendien erger dan de voorgaande jaren. Het was echt een rampjaar. Elk niet-verdelgd nest zorgt statistisch gezien voor vijf nieuwe nesten in het volgende jaar.

Wat kunnen we hieraan doen?
Van Reet: In het voorjaar zouden we hiervoor vallen kunnen plaatsen. Daarna moeten we ze actief opsporen en ze uiteindelijk ook verdelgen. Imkers nemen best zo veel mogelijk maatregelen om overlast door de hoornaars aan de bijenkasten te vermijden. Het vergt inspanning, maar het is noodzakelijk. Niets doen is simpelweg geen optie.
Hoe zijn ze hier terechtgekomen?
Van Reet: In 2004 is er een container aangekomen in Bordeaux waar een koningin in zat. Omdat ze erin slaagde de strenge winter van toen door te komen is ze uiteindelijk dus ook in ons land terechtgekomen. Ze heeft in België een nest gemaakt, wat geleid heeft tot de verspreiding die we vandaag moeten verwerken.
Hoe gevaarlijk zijn de hoornaars voor ons?
Van Reet: Vooral de primaire nesten, die in het voorjaar gebouwd worden door de koningin, vormen een dreiging voor ons. Dit omdat ze in onze eigen leefomgeving gebouwd worden. Denk hierbij aan tuinhuizen en bergingen. De secundaire worden later in het jaar gebouwd en bevinden zich op hoogtes van 20 tot 30 meter. Deze vormen dus een minder groot gevaar voor ons.




