Elk jaar opnieuw nemen we ons voor om dingen anders aan te pakken. We willen gezonder leven, productiever zijn of meer tijd maken voor onszelf. Maar waar komt die drang naar goede voornemens eigenlijk vandaan? Om te achterhalen waar die behoefte vandaan komt, sprak ik met afgestudeerd psychologiestudent Rens Van Delen.
Volgens Van Delen vervullen goede voornemens vooral een behoefte aan zingeving en richting. “Mensen willen hun leven vaak ervaren als samenhangend en doelgericht,” legt hij uit. Door goede voornemens te formuleren, creëren ze een soort verhaal waarin verandering en verbetering mogelijk zijn. Het geeft het gevoel dat je niet vastzit aan wie je was, maar dat je actief kan werken aan wie je wilt worden. In die zin functioneren goede voornemens ook als een vorm van zelfzorg: ze verminderen innerlijke onrust en geven mensen het idee dat ze controle hebben over hun eigen leven.
Sociale en culturele context
Hoewel het nieuwe jaar hét moment bij uitstek is voor goede voornemens, zijn er ook andere momenten die aanzetten tot reflectie. Denk aan verjaardagen, de start van een nieuwe studie of een nieuwe job. “Dat zijn allemaal overgangsmomenten,” zegt Van Delen. “Ze markeren de overgang van een oude versie van jezelf naar een nieuwe.” Vooral rond nieuwjaar speelt ook de sociale en culturele context een rol. Er wordt als het ware verwacht dat je goede voornemens hebt, en net die verwachting maakt het makkelijker om innerlijke ambities hardop uit te spreken.
Vermogen om te veranderen
Goede voornemens balanceren volgens Van Delen tussen realisme en optimisme. Enerzijds erkennen mensen dat verandering moeilijk is, anderzijds willen ze blijven geloven dat ze het vermogen hebben om te veranderen. Vaak weerspiegelen die voornemens ook een ideaal zelfbeeld: wie je wil zijn of worden. Zelfs als dat ideaal niet volledig bereikt wordt, dragen goede voornemens bij aan een positief en toekomstgericht zelfbeeld.




