Peter Goris, een man met meer dan dertig jaar journalistieke ervaring, heeft een carrière om U tegen te zeggen. Na vijftien jaar bij De Morgen werkt hij ondertussen al even lang bij Gazet van Antwerpen, waar hij vandaag de functie van chef Antwerpen bekleedt. Hij evolueerde van reporter naar een leidinggevende functie. Alles begon bij de opleiding Journalistiek, of zoals die meer dan dertig jaar geleden heette: Pers & Voorlichting.
Naam: Peter Goris
Specialisatie: geen
Jaar van afstuderen: 1997
Job: Chef Antwerpen bij GVA
Peter studeerde eerst Germaanse Talen maar hij besefte al vlug dat dit niet zijn roeping was. Hij wilde vooral schrijven en die universiteitsopleiding was meer gefocust op literatuur. In 1994 heeft hij gekozen om communicatiebeheer (met afstudeerrichting: pers & voorlichting) aan de toen genaamde HPA, Hogeschool Provincie Antwerpen te studeren.
Hoe heeft u de opleiding Journalistiek ervaren?
“Ik vond het een fijne richting maar dat was een heel andere opleiding dan vandaag. Het was een heel algemene en schoolse opleiding. We kregen een sterke basis, zeker op vlak van talen en spelling. Daar heb ik nog enorm veel van over gehouden. Ik heb talen geleerd zoals Duits en Spaans. Op spelling werd er hard gefocust en dat is terecht. Ik had toen dictees waar je nog -10 punten kreeg voor één dt-fout. Maar er waren ook enkele onnozele vakken zoals bedrijfscommunicatie, dat was heel klassiek en niets voor mij.”
“We hadden een klein beetje les over radio en TV maar dat was minimaal toen. Je had niet zoals nu een keuze voor een afstudeerrichting in een bepaald medium want je leerde een beetje van alles. Mijn focus lag vooral op schrijven.”
Hoe bent u bij De Morgen terecht gekomen?
“In mijn derde jaar kreeg ik een mooie kans. Samen met enkele medestudenten werkten we aan een project waarbij het doel was om een eigen artikel te laten publiceren in een bestaande krant. Er was geen criterium of rode draad waar we aan moesten voldoen van de docenten. Het opzet was simpel: verhalen of nieuws zoeken, uitschrijven en proberen om dat artikel te slijten bij een bestaande krant. Door dat project kwamen we in contact met De Morgen die net een aparte Antwerpse regionale bijlage, stadskrant Metro, waren begonnen. Wij wilden schrijven en zij konden extra (goedkope) stagiairs wel gebruiken. Zo is het begonnen. Ik maakte een stuk over een Joodse boekenwinkel tijdens de Boekenbeurs en dat werd goed onthaald. Enkele van ons, onder wie ik, mochten blijven.”
“Zo combineerde ik studeren met werken voor de krant. In dezelfde periode begon ik ook te schrijven voor de jongerenbijlage ‘De Mix’. Ik mocht zelfs een van de eerste gsm’s van Mobistar uittesten en houden. Ik was dus een van de eerste jongeren op school die een vaste gsm had. Midden jaren negentig was dat nog wel iets speciaals. Daardoor werd ik zelfs tijdens de les opgebeld voor opdrachten. Ik zei toen aan de docent: “Sorry, ik heb een opdracht voor de krant” en vertrok! (lacht)”
Kon u werken voor school en DeMorgen goed combineren?
“Gedurende dat laatste jaar volgde ik amper nog les omdat ik altijd voor de krant bezig was. Ik heb toen ongeveer 180 gepubliceerde artikels van mijn hand afgedrukt en voor een aantal vakken afgegeven. Ik zei dat ik inderdaad niet veel in de les was geweest maar dat ik wel bezig was waarvoor ik studeerde. Mijn docenten vonden dat goed en uiteindelijk ben ik met onderscheiding afgestudeerd.”
Kort daarna kreeg Peter een vast contract bij De Morgen, waar hij vijftien jaar werkte. In die periode promoveerde hij tot chef binnenland, politiek en sport. Na vijftien jaar koos hij ervoor om dichter bij huis te gaan werken.
Waarom heeft u besloten om bij GVA te werken?
“De Morgen was mijn grote liefde en ik heb daar zeer graag gewerkt. In de laatste jaren van mijn periode bij De Morgen kwam er een grote herstructurering, waarbij veel collega’s vertrokken of ontslagen werden. Toen bijna iedereen van de ‘oude garde’ was vertrokken en uiteindelijk ook een goede vriend én dichte collega moest vertrekken, heb ik beslist om zelf ontslag te nemen.”
“Daarna zocht ik een job dichter bij huis en kon ik bij GVA meteen aan de slag als chef nieuws. Later was ik even chef sport en nu ben ik chef Antwerpen.”
Hoe ziet uw dag als Chef Antwerpen er ongeveer uit?
“Ik begin rond 6 à 7 uur met het lezen van het nieuws. Daar houd ik mij ongeveer een uur mee bezig. Soms stuur ik al ideeën naar de redactie. Om 9u30 hebben we een redactievergadering waarin we de krant en ons online werk van de dag voordien evalueren en de planning voor de dag bepalen. Daarna gaat iedereen aan het werk. Zelf heb ik vooral een coördinerende rol: ik zoek invalshoeken en onderwerpen, vergader, stuur mijn team aan, los problemen op en regel praktische zaken. Af en toe doe ik ook zelf de planning of val ik in voor het nieuwsmanagement (die de krant operationeel leiden) omdat ik geloof in het leading-by-example- principe. Ik probeer mijn werkdag rond 18 uur af te ronden om een gezonde work-life balance te behouden, al lukt dat niet altijd.”
Na een rijke carrière blikt Peter niet alleen terug, maar ook vooruit. Volgens hem liggen er veel kansen voor de regionale journalistiek, al zijn er verschillende uitdagingen.
Wat zijn volgens u momenteel de grootste uitdagingen in de regionale journalistiek?
“De grootste uitdaging is AI en hoe we ons daarvan onderscheiden. Signature journalism is een oplossing: journalistiek die je merk uniek maakt en waarvoor lezers willen betalen. In de regionale journalistiek zit je eigenlijk in een fantastisch domein, want dat kan AI niet genereren. AI kan niet naar de mensen stappen en de juiste goede verhalen optekenen of nieuws detecteren in de straat om de hoek. En wij moeten daar als regionaal merk ook een laag extra op leggen. Het simpele nieuws dat er bijvoorbeeld een nieuwe bakker opent, moeten we brengen, maar verschijnt ook snel en gratis op Facebook. Maar de echte meerwaarde zit in het verhaal daarachter; misschien heeft de eigenaar wel vijftig jaar als bakker in het leger gewerkt of zit er een hele familiehistorie achter of is dat de vijftiende bakker in een straal van twee kilometer of… De juiste invalshoek kan een simpel regionaal ‘nieuwsje’ optillen. Dat zijn de verhalen die AI niet brengt, en waarvoor mensen volgens mij nog willen betalen.”
“Een tweede uitdaging is nieuwsmoeheid. Veel mensen vinden het nieuws te negatief, te veel gefocust op de ellende in de wereld. Daarom is er nood aan een balans, naast zwaar nieuws moet er ook ruimte zijn voor menselijkheid en constructieve verhalen. Ik geloof niet in het gezegde ‘goed nieuws is geen nieuws’, je moet beseffen dat goede verhalen vertellen, ook journalistiek is.”




