De raadkamer in Brussel buigt zich vandaag sinds 9 uur over de zaak van ex-diplomaat Étienne Davignon. Hij zou in de jaren zestig betrokken zijn geweest bij de arrestatie en gevangenschap van Patrice Lumumba, de eerste premier van de Democratische Republiek Congo, die in 1961 werd vermoord.
De centrale vraag is of er voldoende aanwijzingen zijn om de zaak door te verwijzen naar de correctionele rechtbank. In 2011 diende de familie van Lumumba een klacht in tegen Davignon en negen andere Belgen. Vijftien jaar later zet het federaal parket de schouders opnieuw onder het dossier. Daarmee komt België opnieuw juridisch oog in oog te staan met zijn koloniale verleden.
Wie is Étienne Davignon?
Begin jaren zestig werkte Étienne Davignon als jonge diplomaat voor het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken. Tijdens de periode rond de onafhankelijkheid van Congo werkte hij ter plekke en nam deel aan diplomatiek overleg, in de aanloop naar toenemende politieke spanningen en onrust in het land.
In de jaren daarna rolde Davignon razendsnel in de hogere politieke functies. Hij werd kabinetschef van voormalig premier Paul-Henri Spaak en later twee keer Europees commissaris. De huidige juridische procedure draait dan ook niet om een directe betrokkenheid bij de moord op Lumumba, maar om mogelijke medeplichtigheid in de arrestatie, overdracht en onrechtmatige detentie van Lumumba.
Zijn verschijning voor de raadkamer duidt een zeldzaam moment aan in de geschiedenis, zegt historicus Emmanuel Gerard (KU Leuven). “Het gaat hier om een oorlogsmisdaad en daarom kan het dossier niet verjaren. Dat maakt de zaak zo uitzonderlijk.” Gerard benadrukt dat Davignon destijds stagiair was in Congo en onmogelijk autonoom beslissingen kon nemen over Lumumba’s lot. “Hij werkte vooral als tussenpersoon die instructies van hogerhand toepaste.”
Als de raadkamer beslist om Davignon door te verwijzen naar de correctionele rechtbank, kan het volgens Gerard nog vier tot vijf maanden duren vooraleer een proces effectief van start gaat.
Maar de dood van Patrice Lumumba blijft niet beperkt tot een juridisch dossier. Ook buiten de muren van het gerecht blijft zijn nalatenschap nazinderen, onder meer in de podiumkunsten.
Zo maakte de Brusselse theatermaker Tim Natens de voorstelling Tand des Tijds, gebaseerd op de memoires van Gerard Soete. Die Belgische politieofficier was betrokken bij de verdwijning van Lumumba’s lichaam en hield jarenlang een tand van de Congolese premier in zijn bezit. Tijdens repetities werd mee geluisterd naar hoe dat beladen verleden vandaag een artistieke vertaling krijgt.
De voorstelling zal voor een laatste keer spelen op 7 februari in Theater Malpertuis in Tielt.




